Vanmorgen vroeg, zo rond een uur of elf, zijn we uit
Ipswich vertrokken. Uiteraard hadden we eerst wat tijd nodig om een uitgebreid ontbijt tot
ons te nemen. We zijn tenslotte niet voor niets aan boord van een varende voorraadkast.
Als je met Dick en Dieneke gaat varen hoef je je nooit zorgen te maken over de catering.
Daarna bleek de koffie uit te draaien op een theekransje van de dames. Op en top Brits aan
het borduren met z'n vieren... Argh.Het plan was om eerst bij
Fox Marina, net even buiten Ipswich, diesel te bunkeren en de grootste watersportzaak van
de omgeving aan een nader onderzoek te onderwerpen. Echt indrukwekkend was die zaak
overigens niet, maar alles was op dat moment beter dan in de zeikregen in de kuip van de
DiDi-Z te zitten.
Inmiddels was de wind toegenomen tot een forse kracht
5 toen we die paar mijl naar Woolverstone Marina voeren. Daar aangekomen bleek de haven
mud en mud vol te liggen met 58 voornamelijk Nederlandse deelnemers aan de 60e Vuurschepenrace, een onderdeel van de in Scheveningen gehouden
North Sea Regatta. Gelukkig konden we bij de naburige Royal Harwich Yacht Club op de kop
van een steiger vastmaken, "on the hammerhead" zoals de Engelsen dat zo mooi
zeggen. De kakmadam op het kantoor van de RHYC vond dat echter een bijzonder slecht plan
en kondigde pedant aan dat we moesten opzouten in verband met de drukte rondom de
Vuurschepenrace. Uiteraard gebruikte ze iets nettere bewoordingen, ze is ten slotte
op-en-top Brits en dus beleefd. De havenmeester bleek gelukkig uit iets ander hout
gesneden en we waren van harte welkom voor één nacht.
Gezien de weersverwachting is het vaarplan wat aangepast. Op zee staat een stevige
noord-westen wind kracht 6 naar 7 met bijbehorende golfhoogtes van 2 tot 2,5 meter.
Voor het comfort is het dus beter om het vertrek maar een nachtje uit te stellen. We gaan
nu dus donderdag ochtend terug naar Lelystad. Goed plan!
De wind blies ongeveer dwars op de afgemeerde DiDi-Z. Alle
stootwillen tussen de steiger en het schip om de krachten op te vangen. Veel teveel wind
om de windset te kunnen repareren was al gauw de conclusie. Bovendien is met deze wind een
vermelding van 10 knopen op het display een aangenamer gezicht dan de werkelijke
waarde.....
In de middag zijn we vanuit Woolverstone naar
Pinnmill gewandeld. De streek hier is waarlijk een prachtig wandelgebied. Af en toe
struikel je over de fazanten en loop je langs eeuwenoude eiken. Dit bracht een andere kant
van Dick naar boven die zijn lust om met de bomen te communiceren niet kon onderdrukken.
Jammer alleen dat die mafkees een dode boom uitzoekt voor een goed gesprek. Dat gaat niet
werken natuurlijk. Jos en ik hadden meer geluk bij een stel jonge, frisse en fruitige
boompjes. Dick had nog meer rare fratsen. Ik zal u niet vermoeien met zijn neiging tot
rondjes rond de kerk, alhoewel niet onvermeld mag blijven dat achter de meisjeskostschool
een schitterend oud kerkje verscholen in het groen ligt.
De beroemde kroeg The Budd and Oyster te Pinnmill
moest natuurlijk bezocht worden. Tjonge jonge wat een bende is het daar. Oude wrakken op
een hoop gekwakt, een scheepswerf waar geen enkele arbo-regel van kracht lijkt en een
eeuwenoude pub.
Langs het public footpath - met uitzicht op oude en nieuwe scheepvaart - ligt het
onogelijke woonscheepje van Jack, een oude baas die al sinds jaar en dag de zomerdagen aan
de rivier doorbrengt. Jack kwamen we in de pub weer tegen waar hij een uitermate aangenaam
gezelschap bleek die ons zelfs wist te verrassen met verhalen over het Vrouwtje van
Stavoren. Voorwaar een man die de wereld gezien heeft. Een geweldig leuke vent en alleen
al zijn gezelschap was de voetreis naar Pinnmill waard. |